Beber vervoegen drinken

Hieronder staat de vervoeging van het Spaanse werkwoord beber (drinken) in de negen tijden van de indicativo. De uitgang staat in het groen.

Soort:
regelmatig werkwoord op -er
Gerundio:
bebiendo
Voltooid deelwoord:
bebido

Presente de indicativo

Onvoltooid tegenwoordige tijd

yo bebo ik drink
tú bebes jij drinkt
él, ella bebe hij, zij drinkt
usted bebe u drinkt
nosotros bebemos wij drinken
vosotros bebéis jullie drinken
ellos, ellas beben zij drinken
ustedes beben u (meervoud) drinkt

Pretérito perfecto

Voltooid tegenwoordige tijd

yo he bebido ik heb gedronken
tú has bebido jij hebt gedronken
él, ella ha bebido hij, zij heeft gedronken
usted ha bebido u heeft gedronken
nosotros hemos bebido wij hebben gedronken
vosotros habéis bebido jullie hebben gedronken
ellos, ellas han bebido zij hebben gedronken
ustedes han bebido u (meervoud) heeft gedronken

Wanneer je de perfecto gebruikt en wanneer de indefinido, lees je in Pretérito perfecto of indefinido?

Pretérito indefinido

Onvoltooid verleden tijd

yo bebí ik dronk
tú bebiste jij dronk
él, ella bebió hij, zij dronk
usted bebió u dronk
nosotros bebimos wij dronken
vosotros bebisteis jullie dronken
ellos, ellas bebieron zij dronken
ustedes bebieron u (meervoud) dronk

Pretérito imperfecto

Onvoltooid verleden tijd

yo bebía ik dronk
tú bebías jij dronk
él, ella bebía hij, zij dronk
usted bebía u dronk
nosotros bebíamos wij dronken
vosotros bebíais jullie dronken
ellos, ellas bebían zij dronken
ustedes bebían u (meervoud) dronk

In het Nederlands is dit dezelfde verleden tijd als bij de indefinido. De imperfecto gebruik je voor wat vroeger vaak gebeurde, of wat aan de gang was.

Pretérito pluscuamperfecto

Voltooid verleden tijd

yo había bebido ik had gedronken
tú habías bebido jij had gedronken
él, ella había bebido hij, zij had gedronken
usted había bebido u had gedronken
nosotros habíamos bebido wij hadden gedronken
vosotros habíais bebido jullie hadden gedronken
ellos, ellas habían bebido zij hadden gedronken
ustedes habían bebido u (meervoud) had gedronken

Futuro imperfecto

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd

yo beberé ik zal drinken
tú beberás jij zult drinken
él, ella beberá hij, zij zal drinken
usted beberá u zal drinken
nosotros beberemos wij zullen drinken
vosotros beberéis jullie zullen drinken
ellos, ellas beberán zij zullen drinken
ustedes beberán u (meervoud) zal drinken

Meer over de toekomende tijd lees je in De toekomende tijd (futuro).

Futuro perfecto

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd

yo habré bebido ik zal gedronken hebben
tú habrás bebido jij zult gedronken hebben
él, ella habrá bebido hij, zij zal gedronken hebben
usted habrá bebido u zal gedronken hebben
nosotros habremos bebido wij zullen gedronken hebben
vosotros habréis bebido jullie zullen gedronken hebben
ellos, ellas habrán bebido zij zullen gedronken hebben
ustedes habrán bebido u (meervoud) zal gedronken hebben

Condicional

Onvoltooid verleden toekomende tijd

yo bebería ik zou drinken
tú beberías jij zou drinken
él, ella bebería hij, zij zou drinken
usted bebería u zou drinken
nosotros beberíamos wij zouden drinken
vosotros beberíais jullie zouden drinken
ellos, ellas beberían zij zouden drinken
ustedes beberían u (meervoud) zou drinken

Condicional perfecto

Voltooid verleden toekomende tijd

yo habría bebido ik zou hebben gedronken
tú habrías bebido jij zou hebben gedronken
él, ella habría bebido hij, zij zou hebben gedronken
usted habría bebido u zou hebben gedronken
nosotros habríamos bebido wij zouden hebben gedronken
vosotros habríais bebido jullie zouden hebben gedronken
ellos, ellas habrían bebido zij zouden hebben gedronken
ustedes habrían bebido u (meervoud) zou hebben gedronken

Meer over Spaanse werkwoorden

LeukSpaansleren.nl

Zelfstandig Spaans leren

Oefen Spaans met interactieve lessen, gesprekken en praktische oefeningen. Leer Spaans op een leuke en effectieve manier.

Begin vandaag →
Leuk Spaans leren is onderdeel van Espaans.